Menu Content/Inhalt
Voor heel even majoor
woensdag 02 december 2015

ImageEen jaar geleden had ik me voor genomen, nooit, nee nooit, maar dan ook nooit meer, ga ik met een collectebus langs de deur lopen leuren. Maar ja, toen kwam dat ene telefoontje, in mei, op die stralende bloedhete dag. Je kent het vast wel, zo’n telefoontje dat op de één of andere manier toch door de mazen van het net glipt. Door het bel-me-niet-register. ‘U spreekt met een medewerker van het leger des Heils. Ten eerste mevrouw, fijn dat u ons jaarlijks steunt met een gift.’ Ze weet precies op te noemen wat wij jaarlijks doneren. ‘Mevrouw, mag ik u vragen, wat vind u van ons werk?’ En natuurlijk steek ik over het werk van het Leger des Heils de loftrompet. Hulp verlenen en mensen vertellen van Gods liefde, dat is toch een prachtig doel! Maar dan vraagt de medewerkster of we misschien onze gift mogelijk iets kunnen verhogen, omdat hun werk zo ontzettend belangrijk is. En dat gaat mij nu weer net iets te ver.

Er zijn namelijk nog zoveel andere goede doelen waar we giften aan over willen maken. Ze heeft alle begrip en vraagt vervolgens, of ik dan mogelijk in het najaar wil collecteren. Slik. En dan laat ik me toch weer strikken. Dus nu, maanden later, kreeg ik een mail van de rayoncoördinator, een herinnering. Inmiddels is het zo’n vijfentwintig graden kouder, is het al heel vroeg donker, valt de regen af en toe met bakken uit de lucht, waait de wind door de bomen en stuur je je kat nog niet naar buiten. Nee, de kaarsjes gaan aan, gordijnen dicht, echt Sinterklaasweer. Lekker knus bij de kachel. Dat had ik natuurlijk in mei moeten bedenken.

Maar goed, ik hield het weerbericht strak in de gaten en zie, het beloofde die avond zo waar droog te blijven en zelfs de temperatuur was nog ver boven het nulpunt. Dus deze majoor trok haar stoute schoenen aan en direct na het avondeten vertrok zij op de fiets met haar knalrode collectebus om bij de buren bellen te lellen, vervolgens niet weg te rennen, maar te leuren om een aalmoes voor de armen en daklozen. Deuren werden ontgrendeld en duidelijk was dat niet iedereen even blij was om tussen de bloemkool en bal gehakt door te worden gestoord door een buurvrouw-collectant.

Maar onverstoorbaar als altijd begon ik mijn strijdkreet te roeptoeteren: ‘Heeft u misschien een bijdrage over voor het Leger des Heils?’ Om vervolgens als antwoord te krijgen: ‘Eens even kijken, wat heb ik nog in mijn portemonnee?’ De inhoud werd op een traptrede gegooid. 50 Cent, 1 euro, 3 x 20 cent, 2 x 10 en nog wat kleiner grut. Genoeg om de bus een beetje te laten rammelen. De kleine kerel die er met zijn grote kijkers boven op stond, mocht het in de gleuf gooien. Bij een volgende deur werd ik meteen voor majoor Bosshardt aangezien… Hahahah... Maakte mij niet uit, als ze maar gaven en graag gul! Een volgende tuinder trok een vette flap, kijk dat rammelt dan niet, maar tikt wel weer lekker aan. Die wist tenminste hoe het hoorde. Oh, wat zijn die tuinders toch grappig, want een volgende die zijn hoofd achter een voordeur vandaan stak vroeg: ‘Oh, woon je daar tegenwoordig?’ Maar ik merkte vooral dat de buren graag gaven aan een organisatie als het Leger des Heils. Blijkbaar hebben ze ook het idee dat hun geld, klinkende munten of knisperende flappen, goed terecht komen.

En zeg nu zelf, de samenleving verandert. We individualiseren, de overheid trekt zich terug, burgers worden steeds meer teruggeworpen op zichzelf. Je moet jezelf kunnen redden. Maar dat lukt niet iedereen, zeker niet in de crisis. Bovendien voelen steeds meer mensen zich eenzaam. 12% van de Nederlanders heeft geen vrienden. En als je dan ziek wordt, je baan verliest of je huur niet meer kunt betalen, wat dan? Dan is daar het Leger dat strijd tegen alles wat het leven kapot maakt; armoede, onrecht, uitsluiting en zinloosheid. Plus dat ze strijden vóór een leven zoals God het heeft bedoeld, door het goede nieuws van Jezus uit te dragen, in woord en daad. Het mooie was dat ik veel goedbedoelde en lieve opmerkingen kreeg. Ik kreeg zogezegd een spreekwoordelijk hart onder de riem gestoken en de collectebus raakte steeds voller. Bij elke deur kreeg ik een gift, toch bijzonder?

En zo bedacht ik om morgen toch ook nog maar bij die andere tuindersweg mijn strijdkreet aan de deuren te laten horen. en de rode bus onder de neuzen te laten rammelen. Samenleven doe je per slot van rekening niet alleen! Geef jij ook aan die verwaaide majoor, die mogelijk deze week tussen je warme prak en schaaltje pap bij jou aan de bel trekt? Ze lopen niet voor zichzelf, maar voor de samenleving! Top, eet smakelijk en alvast bedankt!

 

Klik hier!

Klik hier
designed by www.madeyourweb.com